EvenementenParticulierenBedrijvenOver onsContactOfferte aanvragen
Alle artikelen
Bedrijfsevents24 oktober 202611 min lezen

Levend stratego: spelregels, rangen en verdeling per groep

Alle rangen en uitzonderingen, hoe je de kaarten verdeelt over je groep, een opzet voor een middag en de fouten waardoor een potje vastloopt.

Groep aan het spelen op een groot veld

Levend stratego is het bordspel gespeeld in het bos of op een veld: twee teams, verborgen rangen en een vlag die je moet veroveren zonder dat je eigen vlag valt. Wie een tegenstander tikt, vergelijkt rangen en de laagste is af. Hieronder staan de spelregels zoals ze in de praktijk het beste werken, hoe je de rangen verdeelt over je groep, en de fouten waardoor een potje vastloopt.

Het doel van het spel

Het terrein wordt in tweeën gedeeld. Elk team verstopt een vlag in zijn eigen helft en verdedigt die. Wie de vlag van de tegenstander vindt en zonder getikt te worden naar zijn eigen kamp brengt, wint. Onderweg kom je tegenstanders tegen. Wie tikt of getikt wordt, laat zijn kaart zien en de hoogste rang wint dat duel.

Het mooie aan de levende versie is dat je niet weet wie er voor je staat. Op het bord zie je de stukken nog staan; in het bos rent er iemand op je af en je moet in een seconde beslissen of je wegrent of het duel aangaat.

De rangen

Elke speler krijgt een kaart met een rang, die hij verborgen bij zich draagt. De rangen zijn dezelfde als op het bord, van hoog naar laag:

  1. Maarschalk (10) verslaat iedereen, behalve de spion als die aanvalt.
  2. Generaal (9)
  3. Kolonel (8)
  4. Majoor (7)
  5. Kapitein (6)
  6. Luitenant (5)
  7. Sergeant (4)
  8. Mineur (3) is de enige die een bom onschadelijk kan maken.
  9. Verkenner (2) is zwak, maar er zijn er veel van. Ideaal om de vlag te zoeken.
  10. Spion (1) verslaat de maarschalk, maar alleen als de spion zelf tikt.

Daarnaast zijn er twee bijzondere kaarten. De bom verslaat iedereen die hem aanvalt, behalve de mineur. Een speler met een bom mag niet zelf tikken en blijft binnen een paar meter van zijn plek, meestal rond de vlag. De vlag is geen speler maar een voorwerp, zoals een echte vlag, een lint of een sjaal.

De verdeling over je groep

Op het bord heeft elk team veertig stukken: een maarschalk, een generaal, twee kolonels, drie majoors, vier kapiteins, vier luitenants, vier sergeanten, vijf mineurs, acht verkenners, een spion en zes bommen. Met een gewone groep heb je minder spelers, dus verdeel je de kaarten naar verhouding. Deze verdeling werkt in de praktijk:

  • 8 spelers per team: maarschalk, generaal, kolonel, kapitein, mineur, verkenner, spion en bom.
  • 12 spelers per team: maarschalk, generaal, kolonel, majoor, kapitein, sergeant, twee mineurs, twee verkenners, spion en bom.
  • 20 spelers per team: maarschalk, generaal, twee kolonels, majoor, twee kapiteins, luitenant, sergeant, drie mineurs, vijf verkenners, spion en twee bommen.

Houd altijd één maarschalk en één spion per team, en minstens evenveel mineurs als bommen. Zonder mineurs kan niemand bij een vlag die door een bom wordt bewaakt, en dan loopt het spel vast.

Tikken en duels

Een duel begint met een tik. Beide spelers stoppen en laten hun kaart zien, aan elkaar of aan een scheidsrechter die in de buurt staat. De hoogste rang wint. De verliezer is af en gaat terug naar zijn eigen kamp.

  • Gelijke rang: beide spelers zijn af.
  • Spion tegen maarschalk: tikt de spion, dan wint de spion. Tikt de maarschalk, dan wint de maarschalk.
  • Iemand tikt een bom: de aanvaller is af, behalve als het een mineur is. Die ruimt de bom op en de bomspeler is af.
  • Kaart kwijt of niet laten zien: je bent af.

Spreek vooraf af dat een tik een tik is en geen duw. In een bos met boomwortels en takken is dat geen overbodige regel.

Terug in het spel

Wat er gebeurt met spelers die af zijn, bepaalt hoe lang het spel loopt. Er zijn twee varianten:

  • Met een bank. Wie af is, loopt naar het eigen kamp en haalt bij de spelleider een nieuwe kaart. Dat is meestal een lage rang. Zo blijft iedereen in het spel, en dit werkt het beste bij bedrijfsuitjes en kinderfeestjes.
  • Zonder bank. Wie af is, is af. Het spel wordt korter en tactischer, want elke rang telt. Deze variant past bij fanatieke groepen en bij een tweede ronde.

Bij de variant met een bank geef je de bank een beperkte voorraad hoge kaarten. Anders komt een uitgeschakelde maarschalk een minuut later gewoon terug, en verliest het tikken zijn spanning.

De vlag

  • De vlag moet zichtbaar zijn voor wie er dichtbij staat, dus niet ingegraven of in een tas.
  • Er mag niemand binnen een straal van een paar meter permanent op de vlag staan, behalve een speler met een bom.
  • Wie de vlag pakt en getikt wordt, laat de vlag vallen op de plek waar hij getikt werd. Het team van de vlag mag hem daarna terugleggen.
  • De vlag moet levend in het eigen kamp aankomen. Pas dan is het spel gewonnen.

Een opzet voor een middag

  • Uitleg en rangen uitdelen: vijftien minuten. Laat iedereen zijn kaart bekijken en wegstoppen, en leg de bijzondere rangen nog een keer uit.
  • Vlag verstoppen en posities innemen: tien minuten. Elk team bespreekt in zijn eigen kamp waar de vlag komt en wie hem bewaakt.
  • Eerste ronde: dertig tot veertig minuten.
  • Pauze en wisselen van helft: tien minuten.
  • Tweede ronde: dertig tot veertig minuten, eventueel zonder bank.
  • Uitslag: vijf minuten.

Waar het in de praktijk misgaat

Te weinig verkenners

Wie alleen hoge rangen uitdeelt, krijgt een spel waarin niemand het durft te wagen om in de helft van de tegenstander te komen. Verkenners zijn goedkoop en snel, en zij vinden de vlag. Zorg bij grotere groepen dat ongeveer een kwart van elk team verkenner is.

Geen scheidsrechter

Bij twintig spelers per team gaan duels snel en in het wild. Zet één of twee scheidsrechters op het veld die bij twijfel beslissen. Dat voorkomt discussies die het spel tien minuten stilleggen.

Een te open veld

Op een kaal grasveld zie je iedereen aankomen en wint het team met de snelste lopers. Speel waar het kan in een bos of park met bomen en struiken, dan gaat het weer over tactiek en durf.

Geen tijdslimiet

Een goed verdedigde vlag kan een uur blijven liggen. Spreek een eindtijd af en een tweede manier om te winnen, bijvoorbeeld het team met de meeste gewonnen duels. Dan is er altijd een uitslag.

Zelf doen of laten verzorgen

Levend stratego kun je zelf organiseren met geprinte kaarten in plastic hoesjes, twee vlaggen, wat lint voor de middellijn en een paar scheidsrechters. Reken op een avond voorbereiding en een uur om het terrein uit te zetten.

Laat je het verzorgen, dan nemen wij de kaarten, de vlaggen, de afzetting en de spelleiding mee, en passen we de rangen aan op jullie groep. Een compacte versie begint bij 195 euro voor de hele groep, een uitgebreider programma met meerdere spellen bij 550 euro. Op de pagina over levende bordspellen staat hoe we dat aanpakken, en via de offertepagina hoor je binnen één werkdag wat het voor jullie groep kost.

Meer spellen voor dezelfde dag vind je bij de opdrachten voor levend ganzenbord, vossenjacht en zeskamp onderdelen.

Veelgestelde vragen

Met hoeveel mensen speel je levend stratego?

Het werkt vanaf ongeveer zestien deelnemers, acht per team. Daaronder heb je te weinig rangen om tactiek mogelijk te maken. Naar boven toe gaat het tot een veertig per team, mits het terrein groot genoeg is. Boven de tachtig deelnemers speel je beter op twee velden tegelijk, anders duurt het te lang voordat iemand de vlag vindt.

Hoe groot moet het terrein zijn?

Reken op minstens een voetbalveld voor twintig spelers, en liever een stuk bos of park met bomen en struiken om je achter te verschuilen. Een open grasveld kan ook, maar dan zie je elkaar van ver aankomen en wordt het vooral rennen. De middellijn moet duidelijk zijn, bijvoorbeeld met lint of pionnen.

Hoe lang duurt een potje levend stratego?

Een ronde duurt meestal twintig tot veertig minuten. Wordt de vlag sneller veroverd, dan speel je gewoon een tweede ronde met de rollen omgedraaid. Zet altijd een tijdslimiet, bijvoorbeeld vijfenveertig minuten. Is de vlag dan nog niet gevonden, dan wint het team dat de meeste tegenstanders heeft uitgeschakeld.

Vanaf welke leeftijd is levend stratego leuk?

Vanaf ongeveer negen jaar snappen kinderen de rangen en de uitzonderingen. Voor jongere kinderen laat je de bommen, de mineurs en de spion weg en speel je alleen met nummers: hoogste nummer wint. Bij volwassen groepen en bedrijfsuitjes houd je de volledige regels aan, daar zit juist het spel in.

Wat doe je als twee spelers dezelfde rang hebben?

Bij gelijke rang zijn ze allebei af, net als op het bord. Beide spelers gaan terug naar hun eigen kamp om een nieuwe kaart te halen. In de variant met een beperkt aantal kaarten zijn ze dan echt uitgeschakeld.

Levend stratego laten verzorgen?

Wij nemen de kaarten, de vlaggen, de afzetting en de spelleiding mee en passen de rangen aan op jullie groep. Vertel hoe groot de groep is, dan rekenen we het door.

Vraag een voorstel